De publiciteit over het "Hoornse Taartarrest" leverde de afgelopen weken bijzondere reacties op. De Hoornse wethouder Roger Tonnaer, tevens voorzitter van het Westfries Archief: "Veel mensen in Hoorn en de regio kenden die geschiedenis niet. Daar is door de publiciteit eromheen nu verandering in gekomen. Bij de moordaanslag viel niet alleen een dodelijk slachtoffer. Ook het 14-jarig dienstmeisje, Grietje Appelman, werd ziek na het eten van de taart. Na een aantal kritieke dagen herstelde zij gelukkig. De tragische gebeurtenis maakte zoveel indruk dat zij dit verhaal, tot aan haar dood in 1984, elk jaar weer aan haar kinderen vertelde. Haar zoon Wim Bongers heeft mij er vanuit Canada naar aanleiding van de publiciteit uitgebreid over gemaild."
Het radioprogramma
Met het oog op morgen besteedde in de uitzending van maandag 24 oktober aandacht aan het Hoornse Taartarrest. Wim Bongers werd
live in de uitzending geïnterviewd. In de studio sprak presentatrice Eva Jinek met advocaat Jan Hein Kuypers over de betekenis van de zaak in de rechtzaal heden ten dage.
Onbekend lied
Een inwoner uit Blokker stuurde de gemeente en het Westfries Archief de complete tekst van een lied waarvan hij nu pas de betekenis begreep. Zijn inmiddels 85-jarige schoonvader, J. Oud uit Oosterblokker, zong dat lied al in 1934 als hij samen met zijn vader in de vrachtwagen naar de kaasmarkt in Alkmaar reed. Het Westfries Archief is samen met wethouder Tonnaer inmiddels op bezoek geweest bij de heer Oud om de melodie vast te leggen. Hieronder de tekst van het lied:
Een zekere Beek al van deez' stad, was bode op het stadhuis.
Deze man beging helaas met moedwil een abuis.
En hoe het kwam komt er niet op aan, zo’n wraak had hij aan hun,
en stuurde uit Haarlem vandaan een taart met arsenicum.
De taart aan Markus gestuurd kwam aan, maar hij was niet thuis.
Had dit iets korter maar geduurd, oh ramp oh bitter kruis.
De vrouw en het meisje aten van de gestuurde taart,
bewaarde men voor MarKus zijn rantsoen, zo bleef de man gespaard.
Vergif dat kruipt door vlees en bloed, de vrouw die krimpt ineen
en Marcus weet niet wat hij moet, loopt naar de dokter heen.
De dokter komt en roept vol drift: “hier is een moord begaan.”
De vrouw die sterft aan zwaar vergif, 't is zo met haar gedaan.
Zo zet men met de laatste eer, het lijk der arme vrouw,
eerbiedig bij de groeve neer, onder diepe droefheid en rouw
Ja zelfs de snode moordenaar, hij volgde trouw de stoet.
Hoe kan een iemand zoiets doen, en wetend wat hij doet.
Om lucht te geven aan zijn daad, zit hij nu achter slot
totdat zijn stervensuurtje slaat , en hij verschijnt bij God.
Na enige aarzeling nam de heer Oud toch een stuk van de taart die wethouder Tonnaer voor hem had meegebracht.
Ook RTV Noord-Holland meldde zich in Oosterblokker om het lied op te nemen. Zowel RTVNH
radio als
televisie wijdden er een uitgebreid nieuwsbericht aan.