Een bijzondere omslag in het archief van Obdam

De functie van een omslag in het archief is het beschermen tegen beschadiging en stof van de stukken die in die omslag zitten. De omslag zelf is verder totaal onbelangrijk. Maar er zijn uitzonderingen.

In het archief van Obdam zit een omslag die minstens even interessant is als de inhoud. Al vele eeuwen zit inventarisnummer 29 geborgen in een oud stuk perkament. De inhoud van deze omslag, een legger van landerijen, waarin landeigenaren en oppervlakten worden vermeld, dateert van 1606.

Op het stuk perkament staat handgeschreven muziek met bijbehorende tekst. Het gaat om Gregoriaanse muziek, waarschijnlijk van voor de invoering van de Tridentijnse liturgie. De naam Tridentijnse liturgie, in gewoon Nederlands de traditionele Latijnse mis, is afkomstig van het Concilie van Trente (1545-1563), waarbij tot de invoering is besloten. Het heeft tot 1570 geduurd voordat de gestandaardiseerde muziek klaar was. Dit betekende niet dat toen alle kerken er al over konden beschikken. Het is daarom nog niet helemaal duidelijk of het stuk perkament daadwerkelijk van voor 1570 is. Het stuk moet in ieder geval ergens tussen 1400 en 1700 geschreven zijn. Voor alle volledigheid, deze oude ordo missae werd in 1970 grotendeels vervangen door de novus ordo missae van Paus Paulus VI.

Omslag inventarisnr. 29 van archief van Obdam (0973) 

De muziek maakt deel uit van de liturgie voor het kerkelijk jaar en behoort tot het officierepertoire. Het officie is het officiële gebed van de Katholieke kerk. Het wordt gebeden op vaste tijden. Er is een algemene ordening van het gebed door het jaar, het jaarofficie, en een structuur voor iedere dag, het dagofficie (metten, lauden, etc.). Het gaat om een processieantifoon met vers uit de Adventstijd (periode voor de Kerst) die soms ook in de tijd van Septuagesima (eerste zondag van de Paaskring, 70 dagen voor Pasen) is te vinden. Een antifoon is een vers dat gezongen wordt als inleiding of ter afsluiting van een mis en het getijdengebed. In de loop der tijd zijn er erg veel antifonen gecomponeerd.

Het gezang op de omslag uit het archief van Obdam behoort niet tot het oudste repertoire, want het is slechts in twee van de twaalf officie-handschriften te vinden.

De volledige tekst luidt:
“Ecce carissimi dies illa judicii, magna et terribilis, instat.
Praetereunt dies nostri, et veloxiter advenit praeclarus adventus
Domini. Jam crebro sono nos hortatur, et dicit: Priusquam ostium
Paradisi claudatur, unusquisque vestrum cito properet, ut videatis
Immortalum Sponsum et possideatis regnum caelorum.
V. Ecce mater nostra Jerusalem com magno affectu clamat ad nos, et
Dicit: Venite, filii mei dilectissimi, venite adme. Ut videatis.”

De Nederlandse vertaling is:
“Ziet, innig geliefden, dé dag van het oordeel, de grote en verschrikkelijk dag, is nabij.
Onze dagen gaan voorbij, en spoedig is de schitterende komst van de Heer in aantocht,
Reeds vaak spoort hij ons met zijn stem aan en zegt:
Laat ieder van u zich met spoed haasten, voordat de deur van het paradijs wordt gesloten, opdat gij
de Onsterfelijke Bruidegom zult zien en het rijk der hemelen zult bezitten.
V. Zie onze moeder Jeruzalem roept met grote genegenheid naar ons
En zegt: Komt mijn zeer beminde zonen, komt naar mij toe. Opdat gij zult zien”

Het muziekstuk is niet zonder meer te spelen of te zingen omdat het notensysteem sterk afwijkt van het huidige notenschrift. Er is wel een sleutel op de notenbalk te vinden. Alles duidt er op dat de oorspronkelijke muziek door een vakman is opgesteld. Interessant zijn de kleine toevoegingen van latere gebruikers.

Waar het stuk vandaan komt weten we niet. Dergelijke muziek werd alleen in zogenaamde kapittelkerken gebruikt en die waren destijds in onze omgeving niet te vinden. Feit is dat boekdrukkers oude vellen perkament gebruikten voor het inbinden van nieuwe boeken. Wellicht is een boekdrukker uit Hoorn de leverancier. Het is dan nog niet duidelijk waar het stuk oorspronkelijk vandaan komt, want ook in Hoorn was geen kapittelkerk.

Voorlopig zijn er nog veel vragen, die nog niet beantwoord kunnen worden. Misschien komen die antwoorden ook niet meer. Het is natuurlijk wel prachtig dat zo’n bijzondere stuk te vinden is in het archief van de gemeente Obdam, een plaats waar je dat helemaal niet verwacht.

Als u dit prachtige document eens in het echt wil bekijken, kunt u terecht bij het Westfries Archief. Als u inventarisnummer 29 van het archief van Obdam (0973) aanvraagt, krijgt u het ter inzage.

Met dank aan:
Frans Schouten te Amsterdam
Jacques van Leeuwen en Geert Maessen (via Frans Schouten)
Ben Tames te Obdam

Nadere informatie gevonden op:
Internet (Wikipedia)
Website RKK 

 

de schatkistrechts

 

de schatkist 2