Diefstal!

In september 1792 werd het kasteleinsechtpaar van het Rode Hert in Bovenkarspel beschuldigd van diefstal. Vader en zoon Groen hadden een feestelijk maaltijd in het Rode Hert genuttigd ter ere van de jaarlijkse dam- en gotenschouw in Grootebroek. Na de maaltijd wilden zij weer naar huis gaan met hun wagen. Echter, een kussen was van de wagen verdwenen.

De handtekening van Jan Scholten, kastelein van het Roode Hert

Vader Groen gaf de kastelein, Jan Scholten, de schuld van de vermissing van het kussen. Hij eiste een schadevergoeding van veertien gulden, een aanzienlijk bedrag in die tijd. Om van het gezeur af te zijn wilde Jan al bijna het geld uit de kas pakken, maar hij werd tegengehouden door zijn vrouw. Vader en zoon Groen vertrokken. Maar een aantal dagen later stond vader Groen weer voor de deur bij het Rode Hert. Alwaar hij ‘ter sterksten heeft geinsteert op de voldoening van voornoemde veertien gulden’. Maar die kreeg hij niet van Jan.

Detail van een oude kaart van Bovenkarspel, het Roode Hert bevond (en bevind, want het bestaat nog steeds) bij de kruising

Het lijkt erop dat dit dus een zaak was tussen het kasteleinsechtpaar en vader en zoon Groen. Maar dat is niet zo. Twee getuigen wisten namelijk te vertellen dat het betreffende kussen nooit van vader en zoon Groen was geweest, maar van iemand anders. Wilt u weten hoe de zaak rondom het ‘questieuse kusjen’ afloopt? Lees dan hier verder.

 

de-notaris2

 

de-notaris

 

de-notaris3