De naaister en de dienstmeid

Jan Ackerman en Marij Maartens, een naaister, kwamen allebei uit Andijk en ze waren verloofd. Jan vertelde Marij dat hij haar ‘noit soude verlaten tot in der eeuwigheijt’. Hij zou zelfs niet bij haar weg gaan als iemand ‘met een swaart boven zijn hooft’ stond. Om hun liefde te bevestigen, besloten ze te trouwen. Rond kerst 1725 ging Jan met zijn achterneef naar de secretaris van Stede Grootebroek om het huwelijk aan te kondigen. Helaas kond de secretaris dit nog niet goedkeuren, Jan had toestemming van zijn voogden nodig voordat hij mocht trouwen. Maar dat zou vast wel goed komen. Ze waren immers al verloofd.

notaris 2016 05

Helaas voor Marij kwam het niet goed. Ruim een jaar later, in januari 1727, was ze nog steeds niet met Jan getrouwd. En het leek erop dat het van hem ook niet meer zo erg hoefde. Jan had ondertussen een leuk dienstmeisje ontmoet. Om hem aan zijn trouwbelofte te houden, moest Marij bewijs verzamelen dat kon worden gebruikt in een rechtszaak. Een aantal mensen was bereid om voor de notaris te getuigen dat Marij en Jan verloofd waren. Blijkbaar hadden Marij en Jan hun trouwbeloften niet schriftelijk vastgelegd. Dat maakte het moeilijk om te bewijzen dat ze die daadwerkelijk hadden uitgewisseld.

Wilt u weten of Jan uiteindelijk gedwongen om zijn belofte na te komen en met Marij te trouwen? Lees dan hier verder.

 

 

de-notaris2

 

de-notaris

 

de-notaris3