Westfriese slaven

Vele Westfriezen vonden in de zestiende en zeventiende eeuw werk in de zeevaart. Er werd handel gedreven met veel landen, ook rondom de Middellandse Zee. Op de handelsroutes, ook langs de Atlantische kust, waren Barbarijse kapers uit Noord-Afrika actief. Zij veroverden veel Westfriese schepen en verkochten de bemanning als slaaf. Dit lot overkwam veel mannen en soms ook vrouwen. De familie in Nederland kon de slaven vrijkopen. De kapers en eigenaren van de slaven verdienden hier veel geld aan.

Gekaapt
Het kon maanden duren voor bekend werd dat een familielid gevangen was genomen. Vaak kreeg de familie dit te horen van kooplieden en consuls die contacten hadden in Noord-Afrika. Die vertelden ook wat de afkoopsommen waren. De hoogte was afhankelijk van de sociale status en rang van de zeeman. De familie van een gevangene kon dat niet altijd betalen. Geld lenen was dan een optie. Ook kon men in zijn woonplaats een collecte of een loterij organiseren om het geld bij elkaar te krijgen. Het stads- of dorpsbestuur maakte dan afspraken met de omliggende dorpen en steden. Die legden ze vast in een een collectiebrief, de zogenaamde "akte van renversaal". Daarin regelden dorpen en steden dat ze bij elkaar mochten collecteren wanneer een bewoner gevangen werd genomen.

‘Godloose menschen’
In een collectebrief stond vaak informatie over de gevangene en een beschrijving van de vreselijke leefomstandigheden van de gevangene. En dat het redden van een slaaf uit heidense handen een christenplicht was, want ‘de Turcken’ waren ‘godloose menschen’, die ‘barbarische ende onmenschelijcke wreetheden’ begingen. Met zulke passages hoopte men de mensen aan te sporen tot een gulle donatie. Was er dan eindelijk voldoende geld verzameld, dan kon de slaaf worden vrijgekocht. De meeste slaven waren na drie à vier jaar weer vrij. Maar het slavenbestaan kon ook tientallen jaren duren. En sommigen overleefden het avontuur niet en stierven in Noord-Afrika.

Geselecteerd uit onze collectie
132A90 Jaap Kroon, ‘Jan Kornelisz. Koet van Hensbroek, Christenslaaf te Algiers’ in: Magazine Stichting Oud Obdam-Hensbroek, 2004, no. 3, p.19-20.
156C41 Piet Boon, ‘Westfriese zeelieden in Noordafrikaanse gevangenschap’ in: Westfriese Families, 1985, no. 1, p. 15-17.
120D53 Piet Boon, ‘Jan Cornelisz Dekker uit Zwaag: een gedwongen ‘gastarbeider’ in Marokko’, in: West-Friesland Oud & Nieuw; jaarboek 47 (1980) p. 16-28.
118I39 Piet Boon, Een Westfriese zeeman als slaaf in Barbarije (Schoorl, 1987).
121H21 Stephen Clissold, De Barbarijse slaven (Haarlem 1979).  

Wilt u meer weten over slavernij? Zoek dan verder in onze collectie.

 

GH Slaven 1

 

GH Slaven 2